Heimans, Jacob Harry (Jack)

JH Heimans

Geboren te Sitoebondo (Oost-Java) op 29 mei 1906 als zoon van Hartog Heimans (Zwolle 13 november 1869-Amsterdam 1 mei 1922) en Mietje Anholt (Zwolle 16 februari 1872-Amsterdam 16 oktober 1936). Hij huwde op 3 juli 1941 te Oisterwijk met Marianne Luza (Amsterdam 22 januari 1908-AustraliŽ 5 september 1985). Tenminste vanaf oktober 1933 was in Oisterwijk Heimans en Co. (samen met S. Anholt sr. uit Amsterdam), pantoffelfabriek V.O.F. gevestigd op Gemullehoekenweg 52 (D301), waar later de Vedeha-schoenfabriek van Dorus en Leo van der Heijden zou neerstrijken. In juli 1934 werd de firma ontbonden en voortgezet onder de naam Mascotta (J. H. Heimans) in de Schoolstraat 22 (B246). Deze fabriek van steunzolen, inlegzolen en pantoffels verhuisde vervolgens naar Boxtelsebaan 5 (B84). Op 2 september 1937 richtte Jacob Heimans samen met zijn neef Hartog (Henri) Anholt de Heimans en Anholt Schoenfabriek N.V. op in de Hoogstraat 93 (A195). In augustus 1938 is er al weer sprake van een Cosy-pantoffelfabriek, die in 1939 verhuisde naar De Lind 5 (B370, na de oorlog schoenfabriek De Meeuw, nu HEMA). Jacob Harry woonde in Oisterwijk in pensions (Nemerhof, Gemullehoekenweg en Gerrit Gerritsen, Heisteeg) en vervolgens (na zijn huwelijk) in pension Bloemenhof (Linthorst) aan De Lind en vervolgens aan de Heusdensebaan. In februari 1940 trad ook zijn neef JoŽl Stibbe toe tot de firma. Tijdens de bezetting kwam het bedrijf onder een Duitse Verwalter. De machines werden afgevoerd naar Hagen in Duitsland. Jacob Harry werd geselecteerd voor een 'jodenkamp', maar afgekeurd. Het echtpaar kreeg kort voor de deportaties hun eerste kind Mirte Maja ('Villa Marianne' Oisterwijk 9 juni 1942). Een tante kwam assisteren na de bevalling van Mirte, maar werd toen ze wilde vluchten zonder ster van het station gepikt. Het gezin dook op 9 oktober 1942 onder in Tilburg (Langestraat 100) bij Louis Hazen en zijn zuster Anna, twee devote katholieken. Louis was meubelmaker, die ook voor de kerk produceerde. Louis was een broer van Andrť Hazen, een voorwerker of boekhouder op de fabriek van Heimans. Op 11 juli 1943 werd op het onderduikadres hun zoon Franklin Arthur geboren. De familie Heimans verbleef tot de bevrijding van Tilburg (27 oktober 1944) bij de Hazens, toen werd hun zoon Franklin voor het eerst mee de straat opgenomen. Anna Hazen stierf in 1973 en Louis Hazen in 1974. Zijn neven en medefirmanten JoŽl Stibbe en Henri Anholt komen om in Auschwitz op respectievelijk 17 september 1943 en 31 maart 1944. Op 5 mei 1945 (!) brandde de fabriek aan De Lind gedeeltelijk af. In 1946 werd er f. 8.320,40 door de verzekering uitgekeerd. Het gezin, dat uiteindelijk drie kinderen zou tellen, verhuisde op 14 oktober 1948 naar Eijgelshoven, waar al in 1947 een pantoffelfabriek was gestart (in de mijnstreek begonnen meerdere Oisterwijkers zoals Willy van Goethem pantoffelfabriekjes). Op 11 oktober 1951 vroeg de fabriek surseance van betaling in Eygelshoven (statutair nog in Oisterwijk), op 15 mei 1952 vond een veiling van de machines plaats. In die periode vertrok het gezin naar Amsterdam, waar Jacob accountant werd. Op 13 maart 1956 emigreerde het gezin met de boot vanaf Rotterdam (SS Sibajak) naar Melbourne, AustraliŽ. Jacob werkte er als onderwijzer en boekhouder tot zijn dood op 23 augustus 1967.

Literatuur: Ad van den Oord, Vervolgd en vergeten. Duitse en Nederlandse joden in Oisterwijk 1933-1945 (Oisterwijk 1998).